Europese Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) heeft vorige week opnieuw een voorlopige maatregel gelast voor een voorlopig gehechte verdachte in de cellen in Philipsburg. In verschillende media wordt hiernaar verwezen en beweerd dat de uitspraak inhoudt dat het EHRM heeft vastgesteld dat sprake is van schending van mensenrechten. Het OM hecht er aan te benadrukken dat dit niet het geval is.

Het gaat om een voorlopige maatregel, waarmee wordt beoogd te voorkomen dat mensenrechten zouden kunnen worden geschonden. Er is dus nog geen sprake van een schending van mensenrechten. Het EHRM heeft in de zaak die was aangespannen door F. Corallo, uitgesproken dat daarvan sprake is, gebaseerd op de omstandigheden in de cellen in het politiebureau van Philipsburg zoals die toen waren (2018).

Inmiddels zijn een aantal verbeteringen aangebracht. Die verbeteringen zijn nog niet op het niveau waar alle betrokkenen ze zouden willen zien. In ieder geval is er een verbetering ten opzichte van de situatie ten tijde van de detentie van Corallo. Daardoor kan het oordeel van het EHRM nu niet worden geïnterpreteerd als een uitspraak over schending van mensenrechten. De voorlopige maatregel van het EHRM gaat bovendien niet over de detentieomstandigheden in Pointe Blanche gevangenis.

De suggestie dat het Openbaar Ministerie Sint Maarten de voorlopige voorzieningen van het Europese Hof zou uitlokken is ten onrechte. Het OM SXM weegt in alle zaken waarin een voorlopig gehechte verdachte langer dan 10 dagen in de cellen in Philipsburg zou moeten blijven af of de verdachte in vrijheid kan worden gesteld (al dan niet middels een schorsing van de voorlopige hechtenis), of ruimte kan worden gecreëerd in de Pointe Blanche gevangenis door het beëindigen of schorsen van de voorlopige hechtenis van een verdachte die in de Pointe Blanche gevangenis is gehecht of door een veroordeelde voor te dragen voor een vervroegde invrijheidstelling.

Vervroegde invrijheidstelling van veroordeelden is een exclusieve beslissing van de Minister van Justitie. Indien beide opties niet mogelijk zijn overweegt de Hoofdofficier van Justitie van Sint Maarten of het verblijf in de Philipsburg cellen moet kan voortduren. Van die afweging worden de Minister van Justitie en de Procureur Generaal op de hoogte gesteld. De casussen waarin een dergelijke afweging speelt zullen tevens worden gepubliceerd op de website van het OM SXM.
In 2020 is tot op heden in twee gevallen sprake van een langer verblijf dan 10 dagen van een voorlopig gehechte verdachte in de cellen in Philipsburg.